Albert (68) haalt kleinzoon uit testament: “Hij komt nooit langs”

Het klinkt misschien drastisch, maar ik heb ervoor gekozen om mijn kleinzoon uit mijn testament te halen. Het was geen gemakkelijke beslissing, maar op een gegeven moment kon ik het niet langer aanzien. Hij komt zelden langs, houdt weinig contact, en het lijkt alsof zijn eigen leven al zijn tijd en aandacht opslokt. Ik begrijp natuurlijk dat hij jong is en druk met zijn carrière, maar het doet toch pijn om te merken dat ik geen rol meer speel in zijn leven.

Ik herinner me nog goed de tijd dat hij een kleuter was. Hij was mijn eerste kleinkind, een slimme jongen met een stralende lach. Vaak kwam hij langs om met mij eendjes in het park te voeren of een kaartspelletje te doen. Die momenten waren voor mij kostbaar en ik dacht dat we een speciale band hadden. Maar naarmate de jaren verstreken, werden zijn bezoeken schaarser. Eerst dacht ik dat het een tijdelijke fase was, dat school, vrienden en later werk hem bezighielden. Maar die zogenaamde fase lijkt permanent te zijn geworden.

Ik heb vaak het initiatief genomen om contact te houden. Ik belde hem, stuurde berichtjes en nodigde hem uit voor een kop koffie. “Ja opa, ik kom binnenkort,” zei hij dan, maar dat gebeurde gewoon niet. Uiteindelijk ben ik gestopt met bellen en berichten sturen. Waarom volhouden als hij zelf geen interesse toont om langs te komen? Hij woont niet eens ver weg, misschien een kwartiertje rijden, maar zelfs dat lijkt te veel gevraagd.

Toen dacht ik: als hij geen tijd of behoefte heeft om me te zien, waarom zou ik mijn geld en bezittingen dan aan hem nalaten? Dat klinkt misschien materialistisch, maar ik zie het als een kwestie van over en weer.

Herziening van Verbintenis

Er zijn genoeg mensen die wel moeite doen om tijd met me door te brengen. Mensen die bij me langskomen om te kletsen, een wandeling maken of gewoon voor me klaarstaan. Waarom zou ik hen minder waarderen dan iemand die me links laat liggen?

Ik ben naar mijn notaris gegaan en heb laten weten dat ik mijn testament wilde aanpassen. Mijn kleinzoon werd eruit verwijderd. In zijn plaats besloot ik mijn nalatenschap te gunnen aan mijn andere kleinkinderen en goede vrienden, de mensen die wel voor me klaarstaan. De notaris was even verbaasd, maar voerde mijn verzoek zonder vragen uit. En eerlijk, dat voelde als een grote opluchting, alsof ik eindelijk een zware last had afgeworpen.

Ik vraag me natuurlijk af hoe mijn kleinzoon zal reageren als hij het nieuws hoort. Misschien voelt hij zich gekwetst, misschien vindt hij het oneerlijk. Maar ik vraag me af of hij begrijpt wat zijn jarenlange afwezigheid voor mij betekende. Zal hij beseffen dat het niet om het geld gaat, maar om het gevoel niet belangrijk te zijn in zijn leven?

Het is niet mijn bedoeling om iemand met deze beslissing te straffen. Maar ik wil ook niet doen alsof er niets aan de hand is als dat niet zo is. Misschien ziet hij deze keuze ooit als een wake-upcall, een kans om zijn prioriteiten onder de loep te nemen. Of misschien niet. Ik hoop dat hij op een dag beseft wat hij heeft laten liggen, niet alleen in materiële zin, maar vooral als het gaat om familie en samenzijn.

Soms denk ik aan die momenten in het park, toen we samen op een bankje zaten en hij met twinkelende ogen over zijn dromen en toekomst vertelde. Ik mis die tijden, dat geef ik eerlijk toe. Maar ik kan niet teruggaan naar het verleden en wil mijn laatste jaren niet spenderen met teleurstellingen. Dus heb ik gedaan wat ik dacht dat het beste was, zelfs als anderen daar anders over denken.

Dit is mijn leven, en dit is mijn keuze. En ik geloof dat ik het recht heb om zoiets te besluiten.