Mo (27) in burenruzie om Mercedes E63: terecht klagen ze over herrie of is het pure jaloezie?

Mo is 27 en rijdt nu zo’n jaar in een Mercedes E63. Geen lease, benadrukt hij, maar een wagen die hij met eigen werk heeft betaald. “Ik kom niet uit een rijk nest,” zegt hij. “Alles wat ik bezit, heb ik zelf bij elkaar verdiend.” Voor hem is die auto meer dan vervoer. Het staat voor succes, discipline en doorzetten. “Voor mij klinkt dat niet als lawaai, maar als vrijheid.”

Mopperen uit de buurt

Niet iedereen deelt die liefde. De buren hebben al vaker geklaagd over het geluid, vooral als Mo vroeg vertrekt of laat thuiskomt. “Dan staat er weer iemand aan te bellen of er wordt vanaf een balkon geroepen,” vertelt hij. Volgens Mo doet hij dan niet eens iets geks. “Ik trek niet op alsof ik op een circuit rij.” Maar zo’n diepe roffel valt nu eenmaal op.

Meer dan alleen herrie

Volgens Mo speelt er meer mee dan alleen decibellen. “Als ik in een oude hatchback zou rijden, hoor je niemand.” Hij merkt dat die auto iets losmaakt: blikken, opmerkingen, aannames. “Mensen denken meteen dat je loopt te showen of dat je iets fout doet.” Jaloezie weegt volgens hem zwaarder dan men wil toegeven. “Niet iedereen gunt het een jonge gast als hij succes heeft.”

Succes mag niet te opvallend zijn

Wat hem dwarszit, is dat zichtbaar succes hier vaak met argwaan wordt bekeken. “Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg.” Die houding houdt je klein, vindt hij. “Waarom zou ik niet mogen genieten van wat ik heb neergezet?” Voor Mo hoort het geluid bij de beleving. “Daar betaal je voor.” Hij vergelijkt het met klagen over muziek op een festival. “Dan moet je misschien ergens anders gaan staan.”

Waar trek je de grens

Tegelijk wil Mo geen gedoe. “Ik wil gewoon m’n leven leiden.” Hij houdt zich al in door niet onnodig gas te geven in zijn straat. Maar schamen gaat hij niet doen. “Ik ga mijn auto niet verkopen omdat iemand het irritant vindt.” Volgens hem wordt tolerantie vaak één kant op verwacht. “Ik moet rekening houden met hen, maar zij niet met mij.”

Beeld en vooroordelen

Hij merkt dat leeftijd en achtergrond het oordeel versterken. “Als een oudere man in zo’n auto rijdt, heet het ineens stijlvol.” Bij hem is het sneller patserig of asociaal. “Dat steekt.” Hij voelt zich niet serieus genomen. “Mensen hebben hun mening klaar voordat ze me kennen.” Volgens Mo zegt dat meer over de omgeving dan over hem.

Samenleven of inbinden

Voor hem is samenleven dat je elkaar iets gunt. “Je woont niet in een hutje op de hei.” Geluid hoort bij de stad en bij hoe we ons tegenwoordig verplaatsen. “Je kunt niet alles wegpoetsen.” Hij vindt de discussie vaak te zwart-wit. “Alsof ik óf een aso ben, óf mijn buren zeurpieten.”

Uiteindelijk blijft er voor Mo één vraag over aan jou: is dit echt geluidsoverlast, of vinden we het vooral lastig als iemand zichtbaar plezier heeft van zijn succes?