Peuteren of niet peuteren – dat blijft de vraag
Eigenlijk is het eten van neuspeutjes dus niet per se ongezond. Ze komen in de meeste gevallen toch in je maag terecht. Maar zijn ze ook echt gezond, zoals Napper beweert? Of zit er misschien toch een addertje onder het gras in zijn theorie?
Napper gaat zelfs verder en beweert dat juist de hoeveelheid “vuil” in de neuspeutjes hen gezond maakt. “Als we kijken naar de menselijke evolutie, dan komen we uit zeer vuile omgevingen. Het kan dus nadelig zijn om onze omgeving zo steriel mogelijk te houden,” verklaart de onderzoeker. Hij voegt toe dat antistoffen ongeveer 1% van het neusslijm uitmaken. Volgens hem zouden neuspeutjes het immuunsysteem kunnen versterken.
Napper ziet het door de ogen van een bioloog: wat de mens al duizenden jaren doet, kan een diepere betekenis hebben. Medische experts zijn echter sceptisch. Behalve dat het eten van neuspeutjes volgens hen weinig bijdraagt aan het immuunsysteem, zijn er ook hygiënische bezwaren:
Aan de ene kant kunnen ziekteverwekkers en bacteriën op de peuterende vinger zitten, die zo in het lichaam kunnen komen. Aan de andere kant kunnen ziekteverwekkers via het neuspeuteren van de neus naar de hand – en vervolgens naar deurklinken enzovoort – verspreid worden.
Conclusie
Wat is dus natuurlijker of gezonder? De neiging om te peuteren of de afkeer ervan? Deze vraag lijkt helaas niet snel een duidelijk antwoord te krijgen. Maar onder zijn studenten scoort Scott Napper in ieder geval punten met zijn standpunt dat we af en toe wel wat “dieper mogen graven”.



